Installateur?Word partnerConsument?Bekijk Thuisbatterij
Installateur?Installateur?Word partnerConsument?Consument?Bekijk Thuisbatterij

Verdient een thuisbatterij straks nog geld?

Worden de stroomprijzen vlak als iedereen een thuisbatterij heeft?

Worden de stroomprijzen vlak als straks iedereen een thuisbatterij heeft, en verdient een batterij dan nog wel iets? Die vraag krijgen we vaak in adviesgesprekken. Logisch, want een batterij verdient aan prijsverschillen, en elke batterij die erbij komt, maakt die verschillen een klein beetje kleiner.

Het korte antwoord: de stroomprijzen worden niet vlak. Op termijn zwakt het verschil tussen goedkope en dure uren naar verwachting licht af, en verdwijnen doet het zeker niet. Kijk maar naar Duitsland, waar per inwoner zo’n zeven keer zoveel batterijen staan als in Nederland. Ook daar werd het verschil tussen het duurste en het goedkoopste uur van de dag de afgelopen jaren groter, van 9,8 cent per kWh in 2023 naar 15,9 cent in 2026.

Daar komen twee voordelen bij die los staan van de stroommarkt: na 1 januari 2027 verdient een thuisbatterij vooral aan je eigen zonnestroom, en naar verwachting vanaf 2029 maakt het nieuwe nettarief stroom in de avond extra duur. En wat er ook verandert, VOLL®-AI beweegt mee met de markt. Hieronder lees je waarom de stroomprijzen niet vlak worden, met de cijfers uit Nederland en Duitsland, en wat dat betekent voor jouw batterij.

Worden stroomprijzen vlak door thuisbatterijen: een dagprijs met weinig en met veel batterijen, het prijsverschil wordt iets kleiner en blijft groot

Maken batterijen de stroomprijzen vlak?

In het kort: Een batterij koopt in als stroom goedkoop is en levert als stroom duur is. Daardoor stijgen de laagste prijzen een beetje en dalen de hoogste. Meer batterijen maken de prijzen dus iets vlakker, en vlak worden ze niet.

Op een zonnige middag is er meer stroom dan nodig en zakt de prijs, soms tot onder nul. In de avond is de zon weg, gaan de gascentrales aan en stijgt de prijs. Laden duizenden batterijen op de middag, dan komt er vraag bij op het goedkoopste moment en zakt de prijs minder diep. Leveren ze in de avond, dan zijn er minder dure centrales nodig en blijft de piek lager.

Voor het land is dat precies de bedoeling: minder pieken, minder gas en minder zonnestroom die verloren gaat. Zouden de stroomprijzen vlak worden, dan viel er voor een batterij niets meer te verdienen aan handel. Dat gebeurt niet, en daar zijn vier redenen voor: verlies en slijtage, het weer, de groei van zon en wind en het nieuwe nettarief. Eerst de cijfers, want daarin zie je het al.

De cijfers: Nederland en Duitsland

In het kort: In Duitsland staan per inwoner zo’n zeven keer zoveel batterijen als in Nederland. Toch werd het verschil tussen het duurste en het goedkoopste uur van de dag daar groter, net als bij ons: van 9,8 cent per kWh in 2023 naar 15,9 cent in 2026.

We hebben alle dagprijzen sinds 2023 opgehaald bij het ENTSO-E Transparency Platform, voor Nederland en voor Duitsland. Sinds oktober 2025 zijn dat kwartierprijzen; om de jaren te kunnen vergelijken, rekenen we met het gemiddelde per uur.

Gemiddeld verschil tussen het duurste en het goedkoopste uur van de dag
Jaar Nederland Duitsland
202310,8 cent9,8 cent
202411,3 cent11,1 cent
202512,3 cent12,4 cent
2026, tot en met 17 oktober15,7 cent15,9 cent

Bron: ENTSO-E, dagprijzen voor Nederland en Duitsland, zonder energiebelasting en btw. Verschil per dag: het duurste min het goedkoopste uur van die dag, gemiddeld over het jaar. Peildatum 17 oktober 2026.

In Duitsland staan zo’n 2,5 miljoen batterijen (pv magazine), met samen bijna 30 GWh opslag. Tussen de zomer van 2025 en de zomer van 2026 groeide die opslag met ruim een derde, van 21,8 naar 29,8 GWh (Solarserver, op basis van Battery Charts van RWTH Aachen).

Toch werd de dag er niet vlakker. Het aantal dagen met meer dan 20 cent verschil tussen het duurste en het goedkoopste uur steeg van 7 in 2023 naar 60 in 2026, en de opbrengst van een batterij die op de dagmarkt handelt, steeg in 2025 met zo’n 17%, volgens de Battery Revenue Index van RWTH Aachen.

In Nederland zie je hetzelfde. De dalen werden in 2026 iets minder diep: tot en met 17 oktober waren er 392 uren met een negatieve prijs, tegen 574 in dezelfde periode van 2025. Tegelijk werd de avond duurder. Tussen 17:00 en 21:00 was stroom in 2026 gemiddeld 10,1 cent per kWh duurder dan tussen 11:00 en 15:00, tegen 5,5 cent in 2023.

Een deel van de stijging in 2026 komt doordat stroom dat jaar gemiddeld duurder was. Leg je het verschil per dag naast de gemiddelde prijs, dan bleef het in beide landen sinds 2024 ongeveer even groot. Meer over de dalen lees je in ons artikel over negatieve stroomprijzen.

Waarom de verschillen niet verdwijnen

Snel gerekend: Koop je stroom in voor 10 cent per kWh en krijg je na verlies 0,85 kWh terug, dan moet die stroom minstens 11,8 cent waard zijn om quitte te spelen (10 ÷ 0,85). Daar komen slijtage en de aanschaf van de batterij nog bij.

Een batterij laadt alleen als het verschil het verlies bij laden en ontladen en de slijtage goedmaakt. Worden de verschillen kleiner dan dat, dan stoppen batterijen met handelen, en blijft er vanzelf een verschil over. Voor grote batterijen telt ook de aanschaf: die worden alleen gebouwd zolang ze zich terugverdienen. Een markt vol batterijen komt dus uit op een iets kleiner verschil, en nooit op nul.

Dat zie je ook verder weg. Australië heeft inmiddels meer dan 9 gigawatt aan grote batterijen en honderdduizenden thuisbatterijen. Daar werd de prijs over de dag vlakker, en toch was die in het tweede kwartaal van 2026 nog 11,7% van de tijd nul of negatief, volgens AEMO. In Californië groeide het batterijvermogen van zo’n 0,5 gigawatt in 2020 naar 13 gigawatt eind 2024. De pieken zijn er lager geworden, en batterijen verdienen er nog steeds aan het verschil tussen middag en avond, volgens de marktbewaker van CAISO.

Batterijen werken in uren, het weer in dagen

In het kort: Een batterij schuift stroom een paar uur op, van de middag naar de avond. Een periode met weinig zon en wind kan dagen tot weken duren, en het verschil tussen zomer en winter vang je er helemaal niet mee op.

Grote batterijen zijn meestal gebouwd om 1 tot 4 uur te leveren, en ook een thuisbatterij is op een winteravond vaak in een paar uur leeg. Na zo’n avond valt er niets meer te verschuiven. Om de stroomprijzen vlak te houden in een koude, windstille week, zou je opslag nodig hebben die dagen volhoudt. TenneT verwacht in de Monitor Voorzieningszekerheid 2026 dat tijdens een langdurig tekort in 2028 gemiddeld maar 0,3 van de 5,7 gigawatt aan batterijen beschikbaar is. Hoe dat uitpakt, zag Zuid-Australië op 21 juni 2026: de batterijen waren bijna leeg en de prijs schoot even boven de 10.000 Australische dollar per MWh.

Ook de seizoenen blijven. Van november 2025 tot en met februari 2026 was de stroomprijs in Nederland in totaal een half uur negatief; de negatieve uren vallen vooral van maart tot en met oktober. Zonnestroom van juni bewaar je niet voor januari. Op koude, donkere dagen bepalen gascentrales de prijs, en daar verandert een batterij weinig aan.

Zon en wind groeien harder dan opslag

In het kort: Tegenover bijna 30 gigawattpiek aan zonnepanelen staat in Nederland nog maar een paar gigawatt aan batterijvermogen. En terwijl er batterijen bijkomen, groeien ook de zonnepanelen, de windparken en het verbruik.

Eind 2025 lag er in Nederland 29,4 gigawattpiek aan zonnepanelen en 11,7 gigawatt aan windturbines (CBS). Netbeheerders hadden eind september 2026 79.231 thuisbatterijen geregistreerd, samen zo’n 1 gigawatt; het echte aantal ligt hoger, omdat niet iedereen zijn batterij aanmeldt. Daarbij komen zo’n 80.000 stekkerbatterijen en eind 2025 0,75 gigawatt aan grote batterijen.

TenneT verwacht 8,6 gigawatt aan batterijen in 2030 en 15,8 gigawatt in 2035. Tegelijk rekent TenneT tussen 2028 en 2035 met 6 tot 7 gigawatt extra piekvraag, onder meer door elektrische auto’s die ’s avonds laden. De batterijen rennen dus achter een doel aan dat zelf ook beweegt: meer zon geeft diepere dalen, meer verbruik in de avond hogere pieken.

Het nettarief maakt de avond extra duur

In het kort: Naar verwachting vanaf 2029 betaal je voor het stroomnet per kWh en per tijdsblok. In de winter kost stroom van het net tussen 17:00 en 22:00 dan zo’n 17 cent aan nettarief, en tussen 01:00 en 15:00 zo’n 8 cent. Dat verschil komt bovenop de stroomprijs, en batterijen op de stroommarkt veranderen er niets aan.

Dat staat in het voorstel van de ACM van 8 oktober 2026. Begin 2027 volgt het definitieve besluit, en de echte tarieven voor 2029 stelt de ACM eind 2028 vast. In de zomer kost transport tussen 10:00 en 17:00 niets, en in de avond zo’n 11 cent per kWh. Stroom van het net wordt in de avond dus op twee manieren duur: door de stroomprijs en door het nettarief.

Het nettarief volgt de drukte op het stroomnet, en die drukte zit op winteravonden. Hoeveel batterijen er op de stroommarkt handelen, speelt daarbij geen rol: ook als de stroomprijzen vlak zouden worden, blijft dit verschil bestaan. Een thuisbatterij die laadt met je eigen zonnestroom of in de goedkope uren, en levert tussen 17:00 en 22:00, scheelt in de winter zo’n 9 cent per kWh aan nettarief, bovenop het verschil in stroomprijs. Hoe de tijdsblokken precies lopen, lees je bij tijdsafhankelijke nettarieven.

Wat dit betekent voor jouw thuisbatterij

Snel gerekend: Stel dat je 4.000 kWh per jaar opwekt en 3.500 kWh verbruikt. Met een batterij gebruik je zo’n 1.600 kWh per jaar meer zonnestroom zelf. Na zo’n 5% verlies hoef je 1.520 kWh niet te kopen: 1.520 × €0,26 = €395. Je mist 1.600 × €0,01 = €16 terugleververgoeding. Dat levert zo’n €379 per jaar op, ook als de stroomprijzen vlak zouden zijn, met elk uur dezelfde prijs.

Na 1 januari 2027 stopt de salderingsregeling. Teruggeleverde zonnestroom levert dan nog zo’n €0,01 per kWh op, terwijl je voor stroom van het net gemiddeld zo’n €0,26 per kWh betaalt (CBS, 2026). Alleen al de energiebelasting is daarvan, met btw, zo’n €0,11. Dat verschil verdwijnt niet als de beursprijzen vlakker worden. Hoe dat precies zit, lees je bij salderen en de terugleververgoeding.

Bovenop die €379 komen de prijsverschillen op de stroommarkt, en naar verwachting vanaf 2029 het verschil in nettarief. Met een dynamisch contract laadt de batterij bij op de goedkope momenten en gebruik je de stroom op de dure. Hoe meer van je verbruik in de avond valt, hoe meer dat oplevert.

Het meeste haal je uit een batterij die vooral je eigen zonnestroom en je eigen verbruik slim verschuift. Stroom van het net kopen om die later weer aan het net te verkopen, levert na 2027 minder op, omdat je dan dubbele energiebelasting betaalt. VOLL®-AI rekent daar elke dag mee.

VOLL®-AI beweegt mee met de markt

In het kort: VOLL® is een slimme batterij die altijd met de markt meebeweegt. Wat er ook verandert, van vlakkere prijzen tot een nieuw nettarief: VOLL® kijkt mee, ontwikkelt door en zorgt dat je batterij ook met de nieuwe regels slim omgaat.

De sturing maken we helemaal zelf, om mee te gaan met elke verandering in de Nederlandse energiemarkt: in Nederland ontwikkelde sturing, vóór de Nederlandse markt. Zodra rond 14:00 de prijzen van morgen bekend zijn, plant VOLL®-AI de batterij met alle prijzen tot en met morgenavond, per kwartier of per uur, net zoals jouw leverancier rekent. Een extra laadronde komt er alleen als die na het verlies nog geld oplevert, en kost terugleveren geld, dan regelt VOLL®-AI je zonnepanelen af. Zo werkt dynamisch handelen.

Verandert de markt, dan verandert de sturing mee. Sinds de stroommarkt op 1 oktober 2025 overging op kwartierprijzen, rekent VOLL®-AI met alle 96 prijzen per dag. Vanaf 2027 komen voorspellingen van zon en verbruik erbij. Gaat het nettarief per tijdsblok in, dan houdt VOLL®-AI rekening met de tijden van je netbeheerder, en veranderen die tijden of verschillen ze per gebied, dan past VOLL® de sturing aan.

Die updates komen via de cloud, zonder nieuwe hardware. Daarvoor is het abonnement Dynamisch handelen: het houdt dezelfde batterij bij de markt, ook als die markt verandert. Worden de verschillen op de stroommarkt kleiner, dan legt VOLL®-AI de nadruk op je eigen zonnestroom en het nettarief. Je houdt 100% van de opbrengst en blijft vrij in je keuze van leverancier.

VOLL® Keuzehulp

Welke thuisbatterij past bij jou na 2027?

Beantwoord vier vragen over je verbruik, zonnepanelen en aansluiting. Je ziet direct welke VOLL® SET bij je past, wat die kost en wat je er per jaar mee bespaart, doorgerekend met echte beursprijzen van een heel jaar en voor de situatie ná salderen.

4 vragen 2 minuten Direct je SET en prijs Besparing per jaar
Start de keuzehulp →

Gratis · Vrijblijvend · Geen account nodig

Waarom je hier nu al iets aan doet

De prijsverschillen zwakken op termijn hooguit licht af. Wachten levert je dus weinig op:

  1. De verschillen zijn er nu, en ze groeiden. In 2026 (tot half oktober) lag het verschil tussen het duurste en het goedkoopste uur van de dag gemiddeld op 15,7 cent per kWh. Met een dynamisch contract koopt VOLL®-AI vandaag in op de goedkope momenten, en gebruik je de stroom op de dure.
  2. Salderen stopt op 1 januari 2027. Daarna levert teruggeleverde zonnestroom nog maar zo’n €0,01 per kWh op, en is elke kWh die je zelf gebruikt veel meer waard, of de stroomprijzen vlak worden of niet.
  3. Het nettarief komt er bovenop. Naar verwachting vanaf 2029 bespaart elke kWh die je niet in de avondpiek van het net haalt ook nettarief. CE Delft becijferde dat het voordeel van een thuisbatterij richting 2030 met zo’n 40% toeneemt (lees de thuisbatterij in 2030).
  4. Je batterij groeit mee. Verandert de markt of komen er nieuwe regels, dan krijgt je batterij de nieuwe sturing via de cloud.
  5. Van keuze tot installatie gaan een paar maanden voorbij. En richting 2027 wordt het drukker bij installateurs.

Wil je weten welke thuisbatterij bij jouw verbruik past? Vul de keuzehulp in: in vier vragen zie je welke SET bij je past, wat die kost en wat die per jaar bespaart. Liever eerst sparren? Dan bekijken we jouw situatie in een vrijblijvend adviesgesprek.

Veelgestelde vragen over stroomprijzen en thuisbatterijen

Worden de stroomprijzen vlak als iedereen een thuisbatterij heeft?

Nee. Batterijen kopen in als stroom goedkoop is en leveren als stroom duur is, en dat maakt de pieken en dalen iets kleiner. Vlak worden de prijzen niet: een batterij laadt alleen als het verschil het verlies en de slijtage goedmaakt, en een periode met weinig zon en wind duurt langer dan een batterij volhoudt. In Duitsland, met per inwoner zo'n zeven keer zoveel batterijen als in Nederland, werd het verschil tussen de duurste en de goedkoopste uren de afgelopen jaren zelfs groter.

Worden de stroomprijzen in Duitsland al vlakker?

Nee. In Duitsland staan zo'n 2,5 miljoen batterijen, met samen bijna 30 GWh opslag. Toch steeg het gemiddelde verschil tussen het duurste en het goedkoopste uur van de dag van 9,8 cent per kWh in 2023 naar 15,9 cent in 2026 (tot half oktober), volgens de dagprijzen van ENTSO-E. Het aantal dagen met meer dan 20 cent verschil steeg in die tijd van 7 naar 60.

Verdient een thuisbatterij straks nog geld?

Ja. Na 1 januari 2027 verdient een thuisbatterij vooral aan je eigen zonnestroom: elke kWh die je zelf gebruikt, hoef je niet te kopen, terwijl teruggeleverde stroom nog zo'n €0,01 oplevert. Dat voordeel blijft, ook als de stroomprijzen vlak zouden worden. Met een dynamisch contract verdient VOLL®-AI daarnaast aan de verschillen op de stroommarkt, en naar verwachting vanaf 2029 aan het nettarief per tijdsblok.

Waarom waren er in 2026 minder uren met een negatieve stroomprijs?

Tot en met 17 oktober 2026 waren er 392 uren met een negatieve prijs, tegen 574 in dezelfde periode van 2025. Een onderzoek naar de oorzaak is er nog niet. Het weer speelt mee, en er zijn meer batterijen en meer zonneparken die bij een negatieve prijs afschakelen. Tegelijk werd het verschil tussen de duurste en de goedkoopste uren groter, tot gemiddeld 15,7 cent per kWh.

Wat doet het nettarief per tijdsblok met de prijsverschillen?

Het maakt de avond extra duur. Naar verwachting vanaf 2029 kost stroom van het net in de winter tussen 17:00 en 22:00 zo'n 17 cent per kWh aan nettarief, en tussen 01:00 en 15:00 zo'n 8 cent. In de zomer kost transport tussen 10:00 en 17:00 niets (indicatie van de ACM). Dat verschil staat los van de stroommarkt. Lees meer over tijdsafhankelijke nettarieven.

Wat doet VOLL® als de markt of de regels veranderen?

Dan verandert de sturing mee. VOLL® ontwikkelt VOLL®-AI zelf, in Nederland, en de updates komen via de cloud, zonder nieuwe hardware. Zo rekent VOLL®-AI sinds 1 oktober 2025 met kwartierprijzen, komen er vanaf 2027 voorspellingen van zon en verbruik bij en houdt de sturing straks rekening met het nettarief per tijdsblok van je netbeheerder.

Waarom doet VOLL® niet mee aan onbalanshandel?

Op de onbalansmarkt zijn de marges klein, en ze dalen hard nu er steeds meer grote batterijen meedoen. Na 2027 bijt bovendien de dubbele energiebelasting, en je batterij komt dan in handen van één leverancier of pool. VOLL®-AI stuurt op je eigen zonnestroom, goedkoop inkopen voor eigen gebruik en verkopen op echte pieken. Je houdt 100% van de opbrengst en blijft vrij in je keuze van leverancier.

Welke thuisbatterij past bij mij?

Dat hangt af van je verbruik, je zonnepanelen en vooral van het moment waarop je stroom gebruikt. Met de keuzehulp zie je in 2 minuten welke SET bij je past, wat die kost en wat je er per jaar mee bespaart. Liever eerst sparren? Vraag dan een adviesgesprek aan.

Volgende stap

Benieuwd wat een thuisbatterij jou oplevert?

Bereken in 2 minuten welke VOLL® Thuisbatterij bij jou past, wat die kost en wat je er per jaar mee bespaart. Geen verplichtingen.

Vrijblijvend·Geen verplichtingen·Binnen 1 werkdag reactie